
Geweld Koningsdag Tull en ‘t Waal: rechter legt geen gevangenisstraf op, wel flinke taakstraffen
26 november 2025 om 15:47 RegioTULL EN ‘T WAAL/UTRECHT De politierechter legde drie verdachten uit Tull en ‘t Waal respectievelijk 240, 200 en 50 uur taakstraf op wegens het geweld dat zij op Koningsdag 2025 bij de feesttent in Tull en ‘t Waal tegen politieagenten gebruikten. Tijdens de zitting op woensdag 26 november werd duidelijk dat één van de verdachten een agent secondelang in een nekklem hield, waardoor deze agent vreesde voor zijn leven.
door Agnes Krijnen
De politie kreeg die avond een melding binnen over een uit de hand gelopen ruzie op het feest van Koningsdag. Hierop kwamen agenten naar de feesttent om te de-escaleren. Tijdens de zitting werden beelden getoond van de bodycam van een van de agenten. Hierop is te zien dat verdachte S. (24 jaar oud) een politieagent van achteren vastgreep bij zijn hals. Daarbij vielen beide mannen op de grond.
DIENSTWAPEN
Op de beelden is te zien dat S. zijn arm nog een aantal seconden om de hals van de agent geklemd hield. De agent heeft verklaard dat hij zich slap voelde worden en vreesde voor zijn leven. Een collega probeerde hem te bevrijden, maar werd daarbij ernstig gehinderd door de vader van S, de tweede verdachte in de zaak, J, van 51 jaar oud. J. sloeg deze tweede agent en ook de agent die vastgeklemd bovenop S. lag. Op de beelden is te horen dat verschillende omstanders naar J. riepen om hem tot rust te manen.
Dan was er op je geschoten. Besef je wat dat had betekend voor jou en anderen om je heen?
De tweede agent voelde zich enorm machteloos. Deze agent had gezien ‘hoe zijn collega slap werd en de blik in zijn ogen op oneindig stond’. Hij had voor zichzelf besloten dat hij zijn dienstwapen zou gebruiken als S. niet binnen een paar seconden los zou laten, omdat hij ‘ervan overtuigd was dat S. zijn collega aan het vermoorden was’, zo las de rechter voor uit zijn verklaring.
Dat gevoel had hij in zijn 19-jarige carrière bij de politie niet eerder gehad, zo had hij verklaard. Andere collega’s gebruikten de wapenstok tegen S. en de taser tegen J., waardoor S. uiteindelijk losliet. De rechter vroeg zich hardop af of S. besefte hoe dit ook had kunnen aflopen als hij nog iets langer had vastgehouden. ,,Dan was er op je geschoten. Besef je wat dat had betekend voor jou en anderen om je heen?”
SPIJT
Daar kwam een bevestigend antwoord op. S. toonde gedurende de hele zitting berouw. ,,Dit had nooit mogen gebeuren. Ik heb een verkeerde beslissing gemaakt. Ik wil oprechte excuses maken aan de politieagenten. Ik zal dit nooit meer doen, echt niet. Ik voel me heel stom.” Toen de rechter doorvroeg naar de reden van zijn actie, zei hij: ,,Ik wilde dat dit hele gedoe klaar zou zijn.”
Ik zal dit nooit meer doen, echt niet. Ik voel me heel stom.
J. toonde minder berouw en trok het verhaal van de agenten op momenten in twijfel. ,,Als je bijna dood bent, sta je niet zomaar weer op, zonder enig letsel.” Verder zei hij: ,,Het was heel chaotisch, het is niet terug te draaien. Ik twijfel nog steeds. Het hele voorval had niet mogen gebeuren.”
GEWELD TEGEN HULPDIENSTEN
Uit de verklaringen van verschillende agenten blijkt dat de zaak enorme impact had op de agenten en hun collega’s. Tijdens de zitting waren de drie agenten aanwezig die mishandeld waren, maar ook in de zaal waren agenten aanwezig om hun collega’s te steunen. De Officier van Justitie benoemde meerdere keren dat geweld tegen medewerkers van hulpdiensten toeneemt en moet stoppen. ,,De politiek roept om hogere straffen en daar moeten we vandaag naar handelen.”
De Officier eiste dan ook gevangenisstraffen voor beide heren. Voor J. eiste hij 3 maanden gevangenisstraf, waarvan 2 maand voorwaardelijk en 2 jaar proeftijd. Voor S. eiste hij zelfs een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden. De rechter achtte bewezen dat J. en S. geweld hadden gebruikt en dat zij zich hadden verzet tegen arrestatie. Maar de strafeis vond de rechter te hoog. Hij nam mee in zijn overweging dat S. niet eerder voor geweld was veroordeeld en de kans op herhaling klein is volgens de reclassering.
OPGEWONDEN STANDJE
Naast een taakstraf van 240 uur, legde hij wel een voorwaardelijke gevangenisstraf op van twee maanden, met een proeftijd van 2 jaar. Dat betekent dat als S. binnen twee jaar nogmaals in de fout gaat, hij alsnog de gevangenis in gaat. J. kreeg 200 uur taakstraf opgelegd. De rechter: ,,U bent een opgewonden standje en uw acties gaan nergens over. Ik vind het lastig inschatten of u spijt heeft. Maar gevangenisstraf gaat me toch te ver.”
De derde verdachte, L. van 23 jaar oud en de vriendin van S., kreeg minder aandacht tijdens de zitting. Zij was niet bij de genoemde worsteling betrokken, maar deelde tijdens de aanhouding van beide heren een klap uit aan een andere agent. L. ontkent dat zij deze klap uitdeelde, maar dit achtte de rechter wel bewezen. Zij kreeg 30 uur taakstraf opgelegd. Ook moet zij 350 euro schadevergoeding betalen aan de agent die ze sloeg.
HOGER BEROEP
S. en J. zijn samen veroordeeld tot het betalen van 800 euro schadevergoeding aan de agent die door S. in de nekklem gehouden werd en 350 euro aan de agent die geslagen werd door J.
Beide partijen hebben twee weken de tijd om in hoger beroep te gaan.


















