In Theater Calypso zou Nick Kosterman samen met de veteranen een expositie verzorgen met materialen uit WOII. De 18-jarige Nick verzamelt parafernalia uit deze periode, een hobby die niet veel mensen van zijn leeftijd hebben. Regelmatig trekt hij erop uit in de hoop spullen te vinden uit die periode. Zijn interesse gaat vooral uit naar de Tweede en ook Eerste Wereldoorlog. „Een jaar of drie, vier geleden ben ik begonnen met het verzamelen van vooral Nederlandse en Duitse uniformen. Een aantal heb ik gesponsord gekregen, maar ik heb er ook een aantal zelf gekocht. Die passie heb ik van mijn vader.” Het zit in de familie, want ook zijn grootvaders waren hierin geïnteresseerd. „Mijn opa had ook veel Nederlandse en Duitse uniformen en had zelfs stukken van een vliegtuig mee naar huis genomen, maar hem heb ik helaas nooit gekend. Hij was al overleden voordat ik geboren werd. Die uniformen zijn toen helaas weggegooid, heel erg jammer, want ze worden steeds zeldzamer.” Van zijn overgrootvader heeft hij nog geprobeerd om via Defensie het mobilisatiekruis uit 1918 in handen te krijgen, maar tot nu toe is dat nog niet gelukt.

ZO ORIGINEEL MOGELIJK Een Duitse helm van de Luftwaffe was zijn eerste verzamelstuk. Al snel volgde er meer. „Nu met corona zijn veel mensen thuis en gaan ze de zolder opruimen. Maar vaak vragen ze er wel de hoofdprijs voor. Lang niet alles is origineel. Zeker de broeken werden ook na de oorlog gedragen en zijn vaak versleten en kapot.” Toch weet hij af en toe een uniform te bemachtigen. Zoals een Nederlands uniform dat hij in België vond. En een uniform uit 1910, Zelf probeert hij de uniformen zo compleet mogelijk te maken. Een dure hobby, maar hij gebruikt ze ook voor re-enactment en fotoshoots. De verzameling bestaat verder uit helmen, kepies (petten die tot de Tweede Wereldoorlog werden gedragen door Nederlandse officieren en hoorden bij het verlof- en uitgaanstenue van elke soldaat), papierwerk, een krant uit 1945 en verschillende munten. „Het liefst heb ik plaatselijke dingen, zoals een helm uit Langbroek.” Bij zijn zoektochten met de metaaldetector, waarbij hij meestal met zijn maatje op pad gaat, vindt hij nog wel eens wat. Gespen, helmplaatjes, knopen, drinkbekers, dingen van auto's, delen van veldkeukens, pannen en potten. Helaas zijn ze vaak in slechte staat. „We moeten wel steeds verder weg om te zoeken, dat doen we vooral bij Nederlandse stellingen.”

Ik probeer de uniformen zo compleet mogelijk te maken.

FILMS EN BOEKEN Zijn kennis haalt Nick uit films en uit boeken en door het andere collectors te vragen. Toch vindt Nick de oorlog in Wijk bij Duurstede en omgeving het meest interessant. „Het is jammer dat die ouderen nu weg vallen, want ik luister graag naar de verhalen. Ook over Wijk bij Duurstede zijn boeiende verhalen te vertellen, zoals Dolle Dinsdag. En er schijnt een vliegtuig op een wagen door de Peperstraat te hebben gereden, daar wil ik graag een foto van hebben. ”Op Instagram plaatst hij vaak foto's en hij merkt dat er best veel belangstelling voor is. Het enige probleem is dat zijn kamer behoorlijk vol begint te worden. „Het is nu bijna te veel. Binnenkort moet ik het uitdunnen en dingen weg doen of ergens anders opslaan en me nog meer op bepaalde periodes gaan richten.”

Net voor de coronacrisis heeft Nick Kosterman zich aangemeld als vrijwilliger bij het Museum Militaire Traditie in Driebergen. Hij verheugt zich erop, als het museum weer open mag, daar te beginnen. En natuurlijk is er ook nog de studie, als eerstejaars student medical engineering. Hoe de toekomst eruit gaat zien? Misschien toch een baan bij bijvoorbeeld de technische dienst van Defensie?