Zeven op de tien koeien in Nederland mocht in 2018 naar buiten toe. Het percentage koeien dat in de wei mag grazen, verschilt sterk per regio, zo blijkt uit eerder gepubliceerde cijfers van het CBS.

KOEIENDANS De koeien zijn maar al te blij om gras onder de hoeven te hebben; ze komen vaak springend en dansend de wei weer in. Voorgaande jaren maakten meerdere boeren een evenement van deze koeiendans. In verband met het coronavirus namen sommige boeren bijzondere maatregelen om mensen daar ook dit jaar van te laten genieten - vanuit huis of op afstand. Dat gebeurde op de eerste lentedag bijvoorbeeld ook op het bedrijf van Peter en Ewout van Rooijen uit Cothen. Op het bedrijf van Peter en Ewout staat duurzaamheid hoog in het vaandel. Zij besteden extra aandacht aan koe, natuur en klimaat.

ONDER LANDELIJK GEMIDDELDE In sommige gemeenten mogen alle koeien naar buiten, in andere gemeenten wordt gedurende het jaar minder dan dertig procent van stal gehaald. Vooral in het westen en midden van het land mag een groot deel van de koeien buiten in de wei grazen. In veertig gemeenten komen ze allemaal buiten. Opvallend genoeg liggen die percentages in de Kromme Rijnstreek – toch ook hartje Nederland – een stuk lager.

In de gemeente Bunnik gaat het nog wel. Van de 3280 melkkoeien in die gemeente komen er 2485 buiten: dat is 75,8 procent, iets hoger dus dan het landelijk gemiddelde van 71%.

De gemeente Wijk bij Duurstede duikt al onder dat percentage. Hier komen van de 3286 melkkoeien er maar 2293 buiten: dat is 69,8 procent.

Houten sluit de rij. Van de 3287 melkkoeien mogen er hier slechts 2177 naar buiten.

Dit valt verder op in de landelijke cijfers:

Bepaalde gemeenten met een relatief hoog aantal koeien hebben toch een 100%-weidegang. Bijvoorbeeld in Koggenland (6.492 koeien) en Wormerland (3.274). Opvallend is dat in Oost-Brabant, in Noord-Limburg en in de provincie Flevoland een stuk minder koeien buiten komen dan elders. In het Brabantse Grave en in het Zeeuwse Noord-Beveland staan relatief de minste koeien in de wei. In de gemeente Súdwest-Fryslân vind je overigens de meeste koeien: bijna 65 duizend, waarvan er twee op de drie buiten komen.

1,6 MILJOEN MELKKOEIEN Volgens het CBS zijn er in Nederland zo'n 1,6 miljoen melkkoeien: 71 procent daarvan mag naar buiten. Dat aandeel neemt de afgelopen paar jaar weer toe, maar is nog altijd minder dan voorheen. In 2010 kwam bijvoorbeeld nog 74 procent van de koeien buiten. Daarnaast graast de gemiddelde koe tegenwoordig minder lang in de wei dan een aantal jaar geleden.

Melk van koeien die minstens 120 dagen per jaar buiten lopen krijgt het predicaat weidemelk. De koeien moeten dan ook gemiddeld minstens zes uur per dag buiten hebben gelopen. Een melkveehouder kan de weidemelk over het algemeen iets duurder verkopen dan 'stalmelk'.

Over de cijfers

In dit onderwerp vind je -door met de muis over de gemeente van je keuze te bewegen - het volgende cijfer terug: per gemeente het percentage koeien dat minstens één keer per jaar buiten in de wei is. Verder vind je ook terug hoeveel koeien er in de gemeente zijn.

Deze CBS-cijfers zijn op basis van de Landbouwtelling.

Louis van Oort