Carlo Brouwer is, naast zijn werk als microbioloog, steunfractie lid van de SP in de gemeente Wijk bij Duurstede. „Dit doe ik omdat ik als gevolg van de vele bezuinigingen in de zorg mijn kennis ter beschikking wil stellen aan onze gemeente. Een klein offer voor het woongenot wat wij hier beleven.” Hij geeft aan Wijks Nieuws zijn visie op het Corona virus.

VIRUSINFECTIES De behoefte aan verbeterde vaccins tegen virusinfecties is met de opkomst van de pandemie van Corona virus (Covid-19) een internationale prioriteit geworden. Carlo Brouwer: „Hoewel strategieën voor de ontwikkeling van vaccins in de loop van de tijd sterk zijn verbeterd, lopen we, anno 2020, nog steeds tegen grote problemen aan met betrekking tot het leveren van die vaccins. Coronavirussen, een groep van virussen zoals SARS, MERS, COVID-19 en verschillende verkoudheidsstammen, zijn notoir moeilijk te bestrijden. Tot eind 2019 was er nog geen enkele geslaagde poging om hiertegen een vaccin te ontwikkelen. Ontwikkeling van vaccins tegen deze virussen werden vanwege financiering stopgezet, daar het op dat moment alleen lokale problemen veroorzaakte. Nu is er echter een urgentie opgetreden en wordt alles op alles gezet om onderzoek te starten. Nieuwe technologieën van de volgende generatie, zoals weergegeven door realtime DNA-sequencing, zorgen voor veel data over virale pathogenen (ziektekiemen) en gastheercellen. Dit stelt ons in staat om de genomische sequentie voor vermeende vaccinkandidaten of doelen te 'minen', waardoor een rationele benadering van het ontwerp van het vaccin mogelijk wordt.”

ONTWIKKELING VACCIN Brouwer vertelt dat het ontwikkelen van een vaccin over het algemeen jaren duurt. „Vaccins ondergaan doorgaans een preklinische onderzoeksfase 0, waarin eerst in vitro (laboratorium) en daarna in vivo (lichaam) fase 1 tot en met fase 4 wordt getest om er zeker van te zijn dat het veilig is en een immuunrespons oproept. Door de wereldwijde crisis wordt dit proces nu aanzienlijk verkort. Op dit moment is al begonnen met klinische proeven in de eerste fase, waarbij een mogelijk vaccin bij een kleine groep gezonde mensen wordt geïnjecteerd om de veiligheid en juiste dosering bij de mens te controleren en te bepalen. Dierproeven blijven essentieel noodzakelijk om aan te tonen waar het vaccin is gebleven en of er schade is ontstaan. Hierbij wel de opmerking dat er nog geen zekerheid is of een bepaald vaccin de juiste immuunreactie beoogt te verkrijgen.”

PRODUCTIE Naast de ontwikkeling staat de productie ter discussie. Als een vaccin snel wordt ontwikkeld en goedgekeurd, is de volgende stap het beschikbaar maken voor miljoenen mensen. Brouwer: „Daarbij moet er een keuze worden gemaakt wie als eerste in aanmerking komen voor vaccinatie. Ook financiële aspecten spelen een rol, want een vaccin mag niet veel kosten omdat het wereldwijd toegankelijk moet zijn. Een te laag verdienmodel is voor veel grote farmaceuten een reden om niet in te stappen in de fabricage van deze vaccins.”

MUTATIES Daarmee zijn we er nog niet. Brouwer zegt hierover: „Een vaccin dat op een vroege variant werkt kan in latere versies veel minder effectief zijn. Een virus kan per definitie veranderen. We kunnen zeggen dat elke twee jaar een virus een kleine mutatie ondergaat als gevolg van de epidemiologische wereldwijde verspreiding. Hopelijk geldt voor COVID-19 hetzelfde als de Mexicaanse griep pandemie in 2019. Naast snelle verspreiding muteerde het virus zich naar een mindere virulente seizoen griep die alleen verkoudheidsverschijnselen veroorzaakte. De tijd zal het leren.”

EERSTE VACCIN Zelfs als op korte termijn een vaccin op de markt wordt gebracht, kan er een nieuwe versie van het virus zijn. „Op dit moment circuleren al acht mutatie variaties van COVID-19, de zorg is dat  tegen de tijd dat fabrikanten een vaccin op de markt brengen, de EU en FDA het goedkeuren en miljoenen doses worden geproduceerd, de wereld mogelijk naar een volledig nieuwe versie van het virus kijkt. De verwachting is dat pas halverwege 2021 het eerste vaccin tegen COVID-19 op de markt zal komen. We kunnen helaas niet voorkomen dat het voor velen dan al te laat zal zijn,” besluit Brouwer.