Eerst maar eens de cijfers. Ook in de drie gemeenten van de Kromme Rijnstreek was sprake van tenminste een (ruime) verdubbeling.

In Bunnik ging het nog om bescheiden aantallen meldingen, maar liep de stijging wel degelijk in het oog: in april waren er 14 meldingen van jeugdoverlast, tegenover 6 in maart en slechts 1 in februari. Vorig jaar april waren er 9 meldingen.

Wijk bij Duurstede zag een ruime verdubbeling van het aantal meldingen: van 18 in maart naar 40 in april. In februari waren dat er slechts 9 en in april 2019 werden 18 meldingen gedaan van jeugdoverlast.

Houten springt er in de Kromme Rijnstreek echt uit: van slechts 15 overlastmeldingen in februari, via 55 in maart naar liefst 122 in april. Dat waren precies 100 meldingen meer dan in april 2019. 

STIJGING 160% IN PROVINCIE In de gehele provincie Utrecht werd in april van dit jaar 2.467 keer melding gemaakt van jeugdoverlast. Een jaar eerder (april 2019) ging het nog om 951 meldingen. Dat betekent een stijging van liefst 159,4 procent (+1.516 meldingen).

In het begin van dit jaar ging het nog om 579 meldingen in januari en 555 in februari, maar in maart liep het al op naar 1.354 meldingen, terwijl het er zoals gezegd in april 2.467 waren.

Landelijk vielen de volgende cijfers op: 

  • In Drenthe is de grootste stijging te zien: in de afgelopen maand werd hier 682 keer jeugdoverlast gemeld, een jaar eerder gebeurde dat 'maar' 243 keer (een stijging van ruim 180 procent).
  • In Noord-Holland was de stijging absoluut gezien het grootst. Hier werden in april 1,8 duizend meer jeugdoverlastmeldingen gedaan. In totaal kwamen er ruim 2,9 duizend meldingen, dat zijn er gemiddeld zo'n 98 per dag. 
  • Van de grote gemeenten valt vooral Rotterdam op, daar verdriedubbelde het aantal meldingen maar liefst. Ook in de andere drie grote steden is minimaal sprake van een verdubbeling. 

In februari dit jaar werd jeugdoverlast nog zo'n 4,4 duizend keer gemeld. In maart, de maand waarin de coronacrisis begon, steeg dat al naar bijna tienduizend meldingen. In april waren dat er dus nog eens zevenduizend meer. ,,Het is niet zo dat jongeren nou ineens meer overlast zijn gaan veroorzaken”, licht politiewoordvoerder Mireille Beentjes toe. ,,Sterker nog, misschien is het zelfs wel minder. Je ziet dat ook terug in de boetes (voor overtreding van de coronamaatregelen, bijvoorbeeld geen afstand houden of in grote groepen samenkomen, red.). De meeste jongeren, en ook volwassenen, houden zich keurig aan de regels.”

De meeste jongeren, en ook volwassenen, houden zich keurig aan de regels

BRAAF THUISZITTEN Daarbij maakt ze een uitzondering voor notoire overlastgevende jongeren. ,,Die gaan nu niet ineens braaf thuiszitten. Dat gaat voor deze jongeren soms ook lastig. Bijvoorbeeld omdat ze klein behuisd zijn of omdat de thuissituatie niet veilig is.”

Waar komt die explosieve stijging van het aantal meldingen dan vandaan? Beentjes vermoedt dat dit wel een direct gevolg is van de coronamaatregelen, maar op een andere manier dan je misschien zou verwachten. ,,We denken dat mensen die nu thuiszitten, meer zien en dus ook sneller overlast melden.”

CORONA EN CRIMINALITEIT De coronacrisis heeft sowieso een aanzienlijke invloed op de criminaliteitscijfers. In veel misdaadcategorieën zijn stevige dalingen te zien (onder meer inbraken), terwijl veel overlastgerelateerde meldingen juist toenemen. Naast jeugdoverlast wordt bijvoorbeeld geluidsoverlast (zoals van de buren) aanzienlijk vaker gemeld. Ook drugs- en daklozengerelateerde overlast wordt vaker gemeld. Aan NRC meldde een politiewoordvoerder onlangs dat agenten ,,meer geconfronteerd [worden] met mensen die van de zorg verstoken zijn geraakt, geen dagbesteding meer hebben, begeleiding ontberen.”

KLEINE INCIDENTEN De cijfers hebben betrekking op alle meldingen die de politie heeft geregistreerd onder de incidentcode E35, 'melding overlast jeugd'. Het gaat hier dus om overlast. Dat zijn kleine incidenten zoals afval rondslingeren, een supermarktuitgang blokkeren of herrie maken. Zwaardere delicten zoals vandalisme, geweldpleging en baldadigheid worden geregistreerd onder een andere code.

Hoeveel jeugdoverlast er gemeld wordt, hangt naast de daadwerkelijke hoeveelheid overlast ook af van andere factoren, bijvoorbeeld hoe bereidwillig burgers zijn om dit soort overlast bij de politie te melden. In sommige gemeenten, zoals Houten, kan jeugdoverlast ook bij andere instanties dan de politie worden gemeld.